Wall Street opgeschrikt door huizenkwestie

NEW YORK - De koersenborden op Wall Street toonden vrijdag een verdeeld beeld. Bankaandelen moesten het ontgelden door groeiende zorgen over de kwestie rond ongeoorloofde gedwongen huizenverkopen, de zogenoemde foreclosures in de Verenigde Staten.

Technologiebedrijven waren juist populair dankzij sterke kwartaalresultaten van Google.

Mede daardoor namen de verliezen tegen het einde van de handel wat af. De toonaangevende Dow-Jonesindex sloot met een verlies van 0,3 procent op 11.062,78 punten.

De breder samengestelde S&P 500-index won 0,2 procent tot 1176,19 punten. De door technologiefondsen gedomineerde Nasdaq ging het weekend in met een winst van 1,4 procent op 2468,77 punten.

Bankaandelen

Beleggers moesten niets hebben van bankaandelen door de groeiende angst voor de gevolgen van illegale executieverkopen van woningen tijdens de financiële crisis.

Banken zouden op grote schaal fouten hebben gemaakt bij de procedures bij de gedwongen verkopen.

Beleggers vrezen dat de affaire niet alleen de winstgevendheid van banken zal aantasten, maar ook de kredietmarkten en de hele economie. ''Het echte neerwaarts potentieel van deze kwestie is nog onbekend'', zegt een Amerikaanse handelaar.

JPMorgan Chase

Bij de Dow-fondsen kregen Bank of America en JPMorgan Chase koersdalingen voor de kiezen van 4,9 respectievelijk 4,1 procent.

Conglomeraat General Electric, met ook een grote financiële tak, dook 5,1 procent omlaag. Daarmee stond GE onderaan. De onderneming maakte vrijdag tegenvallende omzetcijfers bekend.

Mattel

Ook speelgoedfabrikant Mattel verraste de markt met teleurstellende omzetcijfers. Het aandeel ging 6,5 procent onderuit. Bij de techaandelen schoot Google 11,2 procent omhoog.

Het concern maakte donderdag na het slot van Wall Street juist veel beter dan verwachte omzetcijfers bekend over het derde kwartaal.

Fed

Aanvankelijk kreeg de Amerikaanse beurs steun van uitspraken van Fed-voorzitter Ben Bernanke en meevallende macrocijfers. Bernanke zei met het oog op de aanhoudend hoge werkloosheid en de lage inflatie in de VS redenen te zien om aanvullende steunmaatregelen te treffen.

Volgens analisten betekent die steun een positieve impuls. In Washington is nu de vraag hoe ver de ingrepen moeten gaan.

Meevaller

Een andere meevaller was het rapport over de detailhandelsverkopen in september. De omzet steeg met 0,6 procent ten opzichte van augustus, waar analisten rekenden op een toename met 0,4 procent.

Op de valutamarkt noteerde de euro aan het einde van de Amerikaanse handel 1,3960 dollar. Bij het slot van de Europese beurzen stond de munt op 1,4020 dollar.

Tip de redactie