Wall Street houdt zich staande

NEW YORK - De Amerikaanse beurshandel is donderdag op een bijzondere manier geëindigd. De belangrijkste drie indexen stonden nog geen uur voor sluiting op verliezen van 2 procent of meer. Daarna was sprake van een opmerkelijk herstel, vooral dankzij de financiële waarden.

De stemming werd net als de voorgaande dagen bepaald door de problemen op de kredietmarkt en de gevolgen die dat kan hebben voor de economie.

Dow-Jones

De Dow-Jonesindex van dertig toonaangevende fondsen sloot uiteindelijk op 12.845,78 punten, een verlies van slechts 15,69 punten (0,1 procent). De schermenbeurs Nasdaq ging de dag uit met 7,76 punten (0,3 procent) verlies op 2451,07 punten. De breed samengestelde S&P 500 ging zelfs iets omhoog. De slotstand was 1411,26, een stijging van 4,56 punten (0,3 procent).

Tot de verliezers van de dag behoorde Countrywide, een kredietverlener die in grote problemen zit. Donderdag maakte het bedrijf bekend dat het een kredietlijn van 11,5 miljard dollar in zijn geheel moet aanspreken. Countrywide heeft het geld nodig voor zijn lopende activiteiten en kan door de problemen op de kredietmarkt niet op andere manieren aan middelen komen. Het aandeel verloor 11 procent, na een dag eerder al 13 procent te hebben ingeleverd.

Kredietmarkt

Beleggers zijn vooral bezorgd dat de problemen op de kredietmarkt negatief kunnen uitpakken voor de economie. Donderdag was er al een duidelijk signaal dat het die kant op zou kunnen gaan. De olieprijs ging in New York meer dan 3 procent omlaag. De verwachting is dat er bij een zwakkere economie minder vraag zal zijn naar energie. Dat leidt weer tot lagere prijzen.

Een ander teken dat de groei zou afzwakken kwam uit de regio Philadelphia. De handelaren keken onaangenaam op van de publicatie van een cijfer over de industrie in dit gebied. De index die de activiteiten weergeeft bedroeg deze maand 0,0, tegen 9,2 in de maand ervoor. Zolang het cijfer hoger is dan 0, is er sprake van groei.

Fondsen

Dankzij een herstel van vooral financiële fondsen zag het er aan het eind van de dag toch nog aardig uit. De banken JP Morgan Chase en Citigroup wonnen respectievelijk 6,5 en 5,6 procent. Diverse wereldleiders deden tijdens de handel een oproep tot kalmte. De Amerikaanse minister van Financiën Paulson gaf overigens wel toe dat de Amerikaanse economie minder zou kunnen gaan groeien.

De problemen op de kredietmarkten zijn terug te voeren op de afkoelende huizenmarkt in de VS. Door de stijgende rente zijn veel vooral armere mensen niet meer in staat om hun hypotheek af te lossen. Niet alleen kredietverstrekkers zijn daardoor in de problemen gekomen, maar ook banken en investeerders die in de sector geld hebben uitstaan. De angst bestaat dat banken nu minder scheutig zullen zijn met het verstrekken van kredieten.

Poging

In een nieuwe poging het financiële stelsel toch draaidende te houden besloten de Amerikaanse centrale banken donderdag nog eens 17 miljard dollar in de markt te pompen. Eerder deed de centrale bank van Japan een soortgelijke stap. Op die manier moet worden voorkomen dat de economische groei negatief wordt beïnvloed.

Veel beleggers zochten intussen hun toevlucht tot veiliger oorden. In plaats van risicovolle beleggingen spelen ze nu op safe en zoeken ze hun heil onder meer in de Amerikaanse dollar. Die is de afgelopen dagen dan ook in waarde gestegen. De euro noteert daardoor nu 1,3410 dollar, aan het begin van de week was dat nog ruim 1,36. In Amsterdam noteerde de Europese munt aan het eind van de dag 1,3405.

Valuta

Ook op andere valuta werken de problemen op de kredietmarkt door. De yen is bezig met een opmars, zowel ten opzichte van de dollar als de euro. De munt werd de afgelopen tijd veelvuldig geleend vanwege de lage rente in Japan. Het geleende geld werd vervolgens uitgezet in risicovolle investeringen die meer rendement kunnen opleveren. Beleggers zijn nu echter bezig hun posities af te bouwen.

Tip de redactie