Goedkopere huizen en flexibiliteit nodig op woningmarkt

Verschillende bestuurders kwamen samen in het gemeentehuis van Steenbergen om te debatteren over de stagnatie van de woningbouw in West-Brabant.

De bijeenkomst werd georganiseerd door Regio West-Brabant waaronder achttien West-Brabantse gemeenten vallen en het Zeeuwse Tholen. Voorzitter van de dag Paul Vermeulen stelde dat de middag geen oplossingen ging bieden voor het probleem, 'maar we maken het debat los'.

Wethouder Petra Lepolder gaf als gastvrouw de aftrap voor de dag. "We komen regelmatig samen om onderwerpen met elkaar te bespreken, maar soms zijn er thema’s waar je graag nog iets langer over zou willen praten. Dit is er daar één van." 

Gedurende de middag wil de wethouder uitzoeken wat de oorzaak is van de stagnatie in de woningbouw en of het op te lossen is. De gemeente Steenbergen heeft het afgelopen jaar slechts vijftien woningen gebouwd, terwijl er 84 op de planning stonden. Dit jaar worden er als het goed is 104 woningen opgeleverd, maar regionaal gezien worden er nog steeds te weinig woningen gebouwd waardoor vraag en aanbod niet op elkaar aansluiten.

Feiten

Niek Bargeman (Provincie Noord-Brabant) leidde de middag in met een aantal cijfers en feiten. Hij constateert dat er een voorzichtig herstel is in de woningbouw, maar wel met de handrem erop.

"In 2015 beleefden we met z’n allen een dieptepunt als het gaat om het aantal woningen dat gebouwd is. In 2016 zie je een enorme stijging, maar in 2017 en 2018 lijkt dat alweer af te gaan nemen, terwijl we er nog lang niet zijn." Uit cijfers blijkt dat tussen 2014 en 2018 ruim 15.000 woningen gebouwd moesten worden, maar de verwachting is dat maar 9.550 woningen doorgang vinden.

"We lopen enorm achter." Dat heeft verschillende oorzaken: woningcorporaties hebben een kleiner investeringsvermogen, er zijn hoge grondprijzen, lange bestemmingsplanprocedures en door de crisis zijn er te weinig handjes op de steigers om alle woningen te bouwen.

Flexibiliteit

Niet alleen volgens Bargeman, maar ook veel wethouders en woningcorporaties zijn van mening dat flexibiliteit het sleutelwoord is om de stagnatie te doorbreken. "Er ligt nog 'ouwe meuk' op de planken om te bouwen, terwijl die plannen soms niet meer aansluiten bij de vraag vanuit consumenten", stelt Antoinette van Heijningen (lid van het versnellingteam, dit team biedt ondersteuning bij vastgelopen bouwprojecten).

Hoewel gemeenten daar niet happig op zijn, raden verschillende instanties aan om deze plannen af te boeken zodat grond vrijkomt voor nieuwe, innovatieve woningen die wel passen bij de vraag van nu. "Je ziet dat door de vergrijzing, de verandering in leeftijdssamenstelling en het percentage flexwerkers steeds meer vraag is naar goedkope eenpersoonshuishoudens, dus waarom zou je dan weer zo’n dure twee-onder-éénkapper bouwen."

Goedkopere woningen

Bas Moens van Aan der Stegge Roosendaal is het daar helemaal mee eens. "Als ik kijk naar wat wij zelf bouwen, is het alleen maar groot, groter, grootst. De oorzaak van stagnatie is dat er verkeerde producten worden ontwikkeld. We moeten terug in het aantal vierkante meters en daarmee goedkopere woningen bouwen."

Aan de hand van een aantal stellingen werd het een actieve middag. De wethouders, ambtenaren en overige bestuurders hobbelden tussen de vakken 'eens' en 'oneens' om hun kijk op de verschillende stellingen te geven. Zo werd gesproken over Nul-op-de-meterwoningen en of die wel geschikt zijn voor sociale huur.

Woningcorporaties

"De kosten voor de bouw hiervan zijn voor woningcorporaties te hoog", stelde Jeroen Cras van WonenBreburg. Oud-minister en burgemeester van Maastricht Gert Leers woonde de middag ook bij. Hij stelde dat gemeenten en woningcorporaties vooral moeten nadenken over de manier waarop ze bouwen.

"Te veel initiatieven worden meteen de kop ingedrukt. We moeten veel meer kijken naar modulaire bouw en prefab huizen en die innovatie moeten we gebruiken om in te spelen op de flexibiliteit."

"Als de plannen die er nu liggen zouden aansluiten bij wat de kopers willen, dan staan ze morgen bij de bank en dan gaat volgende week de schop in de grond, maar dat is niet zo", besluit Niek Bargeman.

Tip de redactie