Miljoenenboete voor te weinig afval van de baan

Brabantse gemeenten hoeven geen miljoenen op te hoesten, omdat zij te weinig afval hebben aangeboden. 

Afvalverwerker Attero wilde de gemeenten daarvoor een flinke naheffing opleggen die voor de hele provincie zou kunnen oplopen tot maar liefst 21 miljoen euro. In een arbitragezaak kreeg het Moerdijkse bedrijf echter geen gelijk van de rechter, waardoor de naheffing over de periode 2011-2014 nu definitief van de baan is.

Al sinds 2011 dreigde Attero de Brabantse gemeenten om een naheffing te vragen. Het Moerdijkse bedrijf had in de jaren negentig de oude vuilstortplaatsen in West-Brabant overgenomen en in 1997 met de gemeenten een contract voor twintig jaar afgesloten voor de afvalverwerking.

Daarin was echter een volumeverplichting opgenomen, die stelt dat gemeenten een minimum aantal afval moeten aanbieden, om de productielijn te kunnen laten draaien. Diverse regio’s in Brabant konden echter sinds 2011 al niet meer aan die verplichting voldoen.

Diftar

De regio Westelijk Noord-Brabant, met daarin de gemeenten Bergen op Zoom, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen en Woensdrecht, dook pas in 2014 onder de min. Volgens de Bergse wethouder Patrick van der Velden komt dat door de invoering van diftar.

"Onder druk van de landelijke overheid zijn gemeenten maatregelen gaan invoeren om mensen beter te laten scheiden. In 2013 zijn Bergen op Zoom en Woensdrecht overgestapt op diftar, waarbij huishoudens betalen per keer dat zij hun afval aanbieden. Een jaar later volgden ook Roosendaal en Rucphen. Vanaf toen haalden we de volumeverplichting niet meer", legt hij uit.

Arbitragezaak

Attero wilde alle Brabantse gemeenten aansprakelijk stellen voor een bedrag van 21 miljoen euro, die het bedrijf was misgelopen in de periode 2011-2014 door te weinig afval. De regio Westelijk Noord-Brabant kreeg over 2014 een boete van een ton opgelegd. De zes regio’s legden zich daar niet bij neer en spanden een arbitragezaak aan.

De rechter heeft nu in een slotvonnis geoordeeld dat die boete niet terecht is. Attero maakte in de jaren dat het te weinig Brabants afval ontving, gebruik van afval van derden om de productielijn te kunnen laten draaien. Volgens de rechter maakt Attero daarom geen aanspraak meer op de naheffing.

Definitief

Het slotvonnis is in ieder geval definitief, wat betekent dat Attero niet in beroep kan. Welke gevolgen de uitspraak voor de jaren 2015 en 2016 heeft, is nog niet bekend. Vanaf 2017 stappen de gemeenten in ieder geval over naar afvalverwerker SITA, waarmee in 2014 al een veel voordeliger contract is afgesloten.

Tip de redactie