Risicobeheersing Julianabrug schoot ernstig tekort

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) stelt in het op woensdag 29 juni verschenen rapport over de Koningin Julianabrug dat de risicobeheersing binnen het project ernstig tekort schoot.

In het onderzoek stelt men dat het omvallen van de kranen onvermijdelijk was.

De aannemerscombinatie Mourik Infra/BSB Staalbouw/Peinemann heeft binnen het proces steken laten vallen. Het rapport legt ook een deel van de verantwoordelijkheid bij de gemeente Alphen aan den Rijn. Het rapport stelt dat geen van de betrokken partijen rekening heeft gehouden met de risico's voor de omgeving.

De opdracht voor de renovatie van de Koningin Julianabrug was gegeven aan een bouwcombinatie bestaande uit een bouwbedrijf en een staalbouwer. Het bouwbedrijf had als projectleider een spilfunctie en moest erop toezien dat alle risico's adequaat werden beheerst. Het bouwbedrijf vulde deze verantwoordelijkheid echter onvoldoende in.

Het bouwbedrijf zag het plaatsen van het brugdeel als onderdeel van de taak van de staalbouwer, die het kraanbedrijf had ingehuurd en bemoeide zich vervolgens niet met de voorbereidingen. Door deze versnippering van taken en verantwoordelijkheden schoot de risicobeheersing tekort.

De partijen vertrouwden blind op elkaars kennis en ervaring en leunden op de verantwoordelijkheid van de ander. Zowel de staalbouwer als het bouwbedrijf lieten zo gebeuren dat er met een onveilige hijsopstelling werd gewerkt.

Wind

In het onderzoeksrapport wordt ook gesteld dat de wind een cruciale rol in het veroorzaken van het brugongeluk heeft gespeeld. De harde wind stond op het dag van het inhijsen van het brugdeel in de richting waarin het onderdeel van de brug zich bewoog.

Tijdens het inhijsen was er sprake van een gemiddelde windsnelheid van 7 meter per seconde. Het liep zelfs op tot 10,5 meter per seconde. Er was binnen de hijsopstelling geen rekening gehouden met het stabiel houden van de pontons bij hevige wind.

De onderzoeksraad laat wel weten dat als de wind geen rol speelde, de kranen alsnog om hadden kunnen vallen. De kranen hadden een maximale belasting en de stabiliteit was niet voldoende.

Stabiliteit

In de voorbereiding van de hijswerkzaamheden vanaf het water werd de complexiteit ervan onderschat. Zo is onvoldoende stilgestaan bij het belang van stabiliteit en de werking hiervan.

In het hijsplan werd geen rekening gehouden met een aantal factoren dat de stabiliteit beïnvloedt, zoals het verschuiven van het zwaartepunt door het manoeuvreren met de kranen, de wind en de doorbuiging van de mast. In de laatste versie van het hijsplan ontbrak een stabiliteitsberekening.

De onderzoeksraad stelt dat het hijsplan niet in een ballastplan voor de pontons voorzag, zo kon men eventuele scheefstand niet tijdig corrigeren. Verder bleek uit het hijsplan dat de kranen tot hun maximale capaciteit werden ingezet. Hierdoor was er geen ruimte om gedurende het werk afwijkende omstandigheden op te vangen.

De aannemerscombinatie ging er vanuit dat door voorzichtig te werken en de pontons goed te ballasten, de werkzaamheden veilig uitgevoerd konden worden.

De Onderzoeksraad constateert dat de partijen het werk benaderden als een routineklus waarbij de risico's systematisch werden onderschat en dat het hijsplan incompleet en ongeschikt was.

Risico's

In het rapport staat ook dat de complexe werkzaamheden met groot materieel die werden uitgevoerd in dichtbebouwd gebied, voor geen enkele partij aanleiding om in de voorbereiding bewust stil te staan bij mogelijke risico's voor de omgeving.

De kranen staken ruim veertig meter boven de bebouwing uit en stonden op pontons in het water. Desondanks voelde geen enkele partij zich geroepen om de veiligheid van de omgeving en de potentieel ernstige gevolgen te onderzoeken en te beheersen. 

Bij de renovatie van de Julianabrug lag de focus van de gemeente op het voorkomen van hinder en overlast voor omwonenden. Dit terwijl de gemeente een belangrijke (overheids-)taak heeft in het waarborgen van de publieke veiligheid, zeker bij werkzaamheden in dichtbebouwd gebied. 

Een gemeente kan zowel als opdrachtgever en als vergunningverlener actief sturen op omgevingsveiligheid. Dat laat onverlet dat de uitvoerende partijen uiteindelijk de verantwoordelijkheid hebben om het werk veilig uit te voeren.

Tip de redactie