BuZa wil bemiddelaar voor kinderen in ambassade Syrië

DEN HAAG - Het ministerie van Buitenlandse Zaken wil een externe bemiddelaar die kan onderhandelen over het lot van de twee kinderen die al ongeveer zeven weken in de Nederlandse ambassade in de Syrische hoofdstad Damascus verblijven. Dat heeft een woordvoerder van het ministerie maandag laten weten.

Volgens de woordvoerder speelt het idee van een bemiddelaar al langer, maar kijkt het ministerie er nu serieus naar. "We zoeken een expert op het gebied van ontvoeringen of justitiële zaken. Dat hoeft niet per definitie een Nederlander te zijn."

Toevlucht

Sara (10) en Ammar (13) die bij hun vader in Syrië woonden, zochten ruim anderhalve maand geleden hun toevlucht in de ambassade. De vader nam de kinderen in 2004 zonder toestemming van de moeder mee naar zijn geboorteland.

Hij beweert dat de kinderen uit vrije wil met hem meekwamen en dat het ambassadepersoneel de kinderen heeft gekidnapt. Het ministerie van Buitenlandse Zaken ontkent dit en wil de vader ervan overtuigen dat Sara en Ammar terug moeten naar hun moeder.

Neutraal

Janneke Schoonhoven, de moeder van beide kinderen, zegt zelf met het voorstel te zijn gekomen. "Ik had het idee dat het ministerie zelf ook vast zat. We zijn volledig afhankelijk van de vader en hij beschuldigt de ambassade van kidnapping. Daarom is een neutraal iemand nodig." Daarnaast hoopt ze op hulp uit onverwachte hoek. "Mogelijk dat de politiek iets kan."

De kinderen maken het volgens het ministerie nog steeds goed. "Ze volgen lessen en kunnen spelen met kinderen van het ambassadepersoneel. Het is belangrijk dat ze een normaal leefritme hebben." De moeder zegt dat Sara en Ammar het erg moeilijk hebben. "Ze voelen zich erg onzeker en hebben heimwee. Ze willen na twee jaar eindelijk eens naar huis."

Tip de redactie