DNA-spoor verdachte gevonden in Deventer moordzaak

DEN BOSCH - Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) heeft op de blouse van de vermoorde weduwe J. Wittenberg (60) een DNA-spoor gevonden van de verdachte in die zaak, de zogeheten Deventer moordzaak. Het NFI heeft over deze bevindingen zeer recentelijk een rapport opgemaakt. Voor het gerechtshof in Den Bosch wordt momenteel het herzieningsproces in de zaak gevoerd.

Advocaat-generaal A. Brughuis maakte maandag ter zitting melding van het rapport. Het gevonden spoor vertoont een DNA-profiel dat overeenkomt met dat van de verdachte, de 49-jarige fiscaal-jurist E. Louwes. Hij werd eerder tot twaalf jaar cel veroordeeld voor de moord, maar heeft altijd ontkend. Afgelopen zomer heeft de Hoge Raad bevolen dat het proces opnieuw moet worden gedaan, omdat er nieuwe feiten aan het licht zijn gekomen. Deze feiten werken in het voordeel van Louwes.

Het gevonden DNA-spoor is een zogeheten aanrakingsspoor. Het gaat daarbij om celmateriaal dat is achtergelaten door aanraking, met bijvoorbeeld een hand of vingers. Het spoor zou op de revers van de blouse van de vermoorde vrouw zijn achtergelaten. Daarom heeft de aanklager maandag opnieuw gevraagd om de gevangenneming van Louwes.

De raadlieden van Louwes, G.J. Knoops en zijn echtgenote C. Knoops, zijn niet onder de indruk van het NFI-rapport. Een aanrakingsspoor is heel wel te verklaren doordat Louwes en het slachtoffer voor de moord veelvuldig met elkaar in contact zijn geweest, menen zij. Het is nog onduidelijk welke waarde het Openbaar Ministerie aan het NFI-rapport hecht.

Niettemin kunnen aanrakingssporen ook van doorslaggevende betekenis zijn. Zo is in 2002 de Zaanse paskamermoord opgelost aan de hand van zo'n spoor. Op de zakdoek waarmee het slachtoffer in die zaak was gekneveld, werd DNA-materiaal gevonden van de inmiddels overleden dader. Ook dat materiaal was achtergelaten door aanraking.

Tip de redactie