Verdachten moord op Djindjic in Rotterdam opgepakt

ROTTERDAM - Een arrestatieteam heeft zaterdagmiddag in Rotterdam twee verdachten van de moord op de Servische premier Zoran Djindjic opgepakt. Het gaat vermoedelijk om twee Servische broers. Dat heeft een woordvoerder van het landelijk parket van het Openbaar Ministerie (OM) gezegd. Djindjic werd op 12 maart voor een regeringsgebouw in de Servische hoofdstad Belgrado door een scherpschutter gedood.

De autoriteiten in Belgrado hebben om uitlevering van de twee mannen gevraagd wegens hun vermoedelijke betrokkenheid bij de aanslag. Het gaat om de 28-jarige S.K. en vermoedelijk de 25-jarige N.K., maar justitie moet de identiteit van die laatste nog precies vaststellen.

Zemun-bende

De verdachten verbleven vermoedelijk al enkele maanden in Nederland. Ze zouden deel uitmaken van de zogeheten Zemun-bende, die volgens het landelijk parket de hand heeft gehad in honderden misdaden, waaronder drugshandel, ontvoering en meer dan vijftig moorden. De misdaadorganisatie wordt ook verdacht van de moord op Djindjic.

Een van de nu opgepakte verdachten, N.K., heeft vermoedelijk de locatie voor de schutter uitgekozen. Ook zou hij het moordwapen hebben begraven op een bouwterrein, aldus het landelijk parket. De Servische autoriteiten gaan ervan uit dat twaalf verdachten bij de moord op de premier betrokken zijn.

Nationale Recherche

De twee mannen zijn in afwachting van de behandeling van het Servische uitleveringsverzoek in verzekering gesteld. Ze werden onder leiding van het landelijk parket opgespoord door de Nationale Recherche, die daarbij samenwerkte met de politiekorpsen van Amsterdam-Amstelland en Rotterdam-Rijnmond.

Kort na de aanslag op Djindjic werden tientallen mensen aangehouden die direct of indirect tot de Zemun-bende behoorden. Justitie heeft in totaal ruim veertig mensen aangeklaagd in verband met de moord. Djindjic (50) werd geraakt door twee kogels in de maag en de borst toen hij bij het regeringsgebouw uit zijn gepantserde auto stapte.

Tip de redactie