Ministers spreken verdwijnen van heroïne tegen

DEN HAAG - Bij onderzoeken naar drugshandel vanuit Turkije is geen heroïne verdwenen. Ook zijn er geen drugs doorgelaten of burgerinfiltranten ingezet. Dat hebben de ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken woensdag aan de Tweede Kamer geschreven.

Het parlement wilde opheldering van hen naar aanleiding van een uitzending van het actualiteitenprogramma NOVA. Daarin werd vorige week gesteld dat in totaal 160 kilo heroïne zou zijn verdwenen.

Onjuist

"Op basis van informatie van het Openbaar Ministerie (OM) en het Korps landelijke politiediensten is vast komen te staan dat de genoemde berichten onjuist zijn", schrijven de bewindslieden. Volgens hen is op enkele monsters na alle heroïne vernietigd.

"Op basis van informatie van het Openbaar Ministerie (OM) en het Korps landelijke politiediensten (KLPD) is vast komen te staan dat de genoemde berichten onjuist zijn", schrijven de bewindslieden.

Nader onderzoek

De ministers Ernst Hirsch Ballin (Justitie) en Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) zien dan ook geen reden om de rijksrecherche nader onderzoek te laten doen. Zij scharen zich daarmee achter de conclusies van het OM.

Wel moet het KLPD extra maatregelen nemen om de administratie van drugs die in handen van de politie valt, te verbeteren. Hirsch Ballin en Ter Horst vermoeden dat de verwarring over de vermeende verdwijning is ontstaan doordat de inbeslagname van drugs door de politie in strafdossiers staat, terwijl de vernietiging ervan niet altijd in het dossier wordt opgenomen. Dat kan een verkeerd beeld hebben opgeleverd.

De korpsbeheerders hebben de opdracht gekregen ervoor te zorgen dat de aangescherpte administratievoorschriften goed worden nageleefd.

Tip de redactie