Bastiaan Ragas vond huishouden met vier kinderen 'hoop gedoe'

Bastiaan Ragas heeft niet genoten van de periode waarin zijn kinderen baby's waren. Hij kon pas van echt van zijn gezin genieten toen zijn kinderen wat ouder werden.

Ragas heeft een zoon met zijn ex-vrouw Laura Vlasblom en drie dochters met Tooske Ragas met wie hij nu getrouwd is. "Dan is het met vier kinderen wel een hoop gedoe", vertelt de acteur in Chantal Blijft Slapen.

"Ik vond die baby's vreselijk, dat viel ook echt onwijs tegen. Ik had zo gehoopt dat het leuk was. Ik vond er geen reet aan", stelt de 45-jarige acteur.

Ook zijn vrouw heeft het niet altijd makkelijk gehad met de hoeveelheid aan kinderen in het huishouden. "Binnen drie en een half jaar had ik drie kinderen. Achteraf denk ik: dat was eigenlijk misschien niet zo verstandig", aldus de 42-jarige presentatrice.

Meer natuur

Het koppel vertelt dat de gezinsuitbreiding één van de redenen was waarom het stel nu niet meer in Amsterdam woont, maar in een ruimere omgeving met meer natuur.

Ragas stond in het verleden regelmatig op het toneel als acteur, maar geeft zijn acteercarrière voorlopig geen prioriteit op verzoek van zijn vrouw. "Drie jaar geleden hebben we een gesprek gehad. Tooske zei: Ik vind het helemaal niet leuk dat je zo veel speelt. Ik zei: maar je weet toch met wie je trouwde?"

Veel verschillen

Het stel erkent dat ze veel van elkaar verschillen. "Zij is de meest opgeruimde, positieve, prettige vrouw in de wereld. Daarom is het ook zo onwijs fijn." Ragas stelt dat zijn vrouw stukken bestendiger is tegen stress dan hijzelf. "Daarom is het een hele goede combinatie."

De tegenstellingen in de relatie is volgens het koppel één van de redenen dat hun huwelijk al zolang stand houdt. Het koppel is al meer dan tien jaar met elkaar getrouwd. "Ik heb hele leuke, lieve en opgeruimde vriendjes gehad. Dat waren echt prima jongens, maar daar was dus echt niets aan", aldus de presentatrice.

Lees meer over:

Facebook & Twitter

Facebook & Twitter
Volg het nieuws van NU.nl/Entertainment ook op Facebook en Twitter
Tip de redactie