Janine Abbring heeft blijvende schade door ongeluk

AMSTERDAM - Janine Abbring heeft nog steeds last van het ongeluk tijdens de opnames van Wie Is De Mol, waarbij ze haar ruggenwervel verbrijzelde.

Voor het programma sprong ze van elf meter hoog in het water. "Ik vond het ook doodeng, maar ik wilde het wel doen. Ik riep nog: wat is het ergste dat ons kan gebeuren? Nou, zei iemand, dat je doodgaat."

Na de sprong wist Janine direct dat het goed mis was. ''Toen ik aan de kant was gehesen, zei iedereen: niks aan de hand, je kwam goed terecht, met je voeten in het water. Maar ik weigerde overeind te komen'', zegt ze in het Volkskrant Magazine.

''Door een eerdere longembolie heb ik geleerd naar mijn lichaam te luisteren. Ik voelde meteen dat er iets heel erg stuk was.''

Ziekenhuis

Abbring ging naar eigen zeggen door een hel in het ziekenhuis in Zuid-Afrika: ''In het eerste ziekenhuis lag ik op een grote intensive care met 35 mensen op zaal. Om vier uur 's ochtends floepten de tl-buizen aan en werd ik hardhandig gewassen door Nigeriaanse verpleegsters in een winterjas - het was daar winter, ze hadden het koud."

"Het was een soort nachtmerrie. Van de zeep die ze gebruikten kreeg ik overal jeuk, maar ik kon me niet krabben. Als ik huilde omdat ik eenzaam was en bang en pijn had, zeiden ze alleen maar met boze stem: 'Why you cry?''

Blijvende schade

De presentatrice heeft blijvende schade overgehouden aan de sprong. "Ik ben erg van de yoga, maar dat gaat niet meer. In Zuid-Afrika heb ik al die weken in de survival-modus gestaan. Ik was sterker dan ik dacht."

"Maar ik heb enorm gejankt toen mijn yogaleraar zei: 'Die tenen ga je nooit meer aanraken'. Ik zal mijn rug nooit meer zo ver kunnen buigen. Toen ben ik even heel erg ingestort."

Het ongeluk bracht Janine en ex-vriend Rogier wel weer samen. ''Je moet je voorstellen hoe ik er uit zag: ik was kilo's afgevallen, lag daar in een gestreepte pyjama, met vet haar en een infuus in mijn nek. En toch boog Rogier zich elke dag over me heen om me uitgebreid te zoenen."

"Ik lag met twee oudere dames op zaal en als hij afscheid nam, fluisterde hij steeds allerlei ongepaste toespelingen in mijn nek, en deed hij alsof-ie aan mijn borsten ging zitten. Ik dacht: wauw, je moet wel heel veel van me houden."

Lees meer over:
Tip de redactie